dinsdag 19 november 2019

Congruent Leiderschap


Ik werk graag op alle lagen. Op meerdere lagen van 'de werkelijkheid', je persoonlijkheid én binnen casuïstiek. Mijn zeer brede interesse en fascinatie voor de belevingswereld van mensen maken dit mogelijk. Iedereen leeft in zijn eigen perceptie en heeft daardoor een specifieke betrokkenheid bij iets.

Zo werkt mijn zus in de sociale werkvoorziening omdat zij verstandelijk beperkt is en is heel trots te werken in een 'vrij bedrijf!'. Dit betekent dat ze is gedetacheerd naar een 'normaal' bedrijf dat mensen 'met een rugzakje' inhuurt. Voor dit bedrijf is dat goedkope arbeidskracht, want ze ontvangen er subsidie, ze geven een MVO Vinkje.Tot mijn zusje opeens vertelde dat ze niemand meer kon verstaan. Er waren allemaal Polen aangenomen. Tot ze vertelde dat de hele afdeling was opgeheven en er in Polen een fabriek was geopend. Zij verhuisde naar een andere afdeling en is nog steeds heel trots dat ze bij een 'vrij bedrijf' werkt.

Kan het 'vrije bedrijf' haar faciliteren zodat ze een gelijkwaardige positie heeft en óók groeit en zich ontwikkelt. Op haar eigen wijze. En wij, als 'gewone' mensen leren omgaan met haar op een zeer gelijkwaardige wijze. Een interessante mix van percepties én waardecreatie.



Verschillende perspectieven


Het is interessant deze verschillende perspectieven te belichten voordat je beleid maakt, of een strategie. Is er een oplossing mogelijk die álle partijen laat groeien en ontwikkelen. Passend bij de ambities? Vaak wel, maar het is even zoeken.

In al mijn onderzoeken en projecten komt steeds naar voren; in het licht van de hoogste ambitie meander je (samen) naar dit hoogste doel. Als het hoogste doel een mooie wereld is waarin we plezierig leven, geeft iedereen hier op eigen wijze invulling aan. Het is goed elkaar hierin steeds écht te ontmoeten, uit te spreken, te herijken. Steeds te bepalen waar je staat ten opzichte van de hoogste ambitie én ten opzichte van elkaar. 

Erkenning geven aan alles dat er is én een volgende stap bepalen.




Persoonlijk Leiderschap


Zoals je dit tússen mensen hebt in uiteenlopende situaties, zo heb je dit ook in jezelf. Je reageert anders als je 'de moeder in jou' laat spreken dan als je 'de minnares' ruim baan geeft of natuurlijk 'de ambitieuze carrière vrouw'. Ieder aspect heeft een andere behoefte én reageert anders al naar gelang de situatie. haha! Grappig om op je werk eens de minnares vrij baan te geven en dit ook echt toe te passend. Niet persé met intimiteit, maar het archetype in jezelf. Waar heeft zij behoefte aan? 

Dit zelfde kun je natuurlijk genderneutraal maken én mannen kunnen hun innerlijke man, jager, tovenaar, vader, minaar én de professional aanspreken.Verschillende lagen van jouw persoonlijkheid hebben verschillende behoeften. Zo had ik zelf eens in een situatie een innerlijke vrouw die zich verraden voelde, een professional die zei 'dat hadden we niet afgesproken', een innerlijk kind dat zich in totale schrikreactie bevond en de hogepriesteres in mij zei 'Right on Track Noor! Gaat prima zo'. En ik had hen allemaal te eren om goed en wel uit de situatie te komen. Geheeld. Sterk.


Fascinerend is het!


Zo coachte ik een man wiens innerlijke tovenaar een groot helder JA had op alles, zichtbaar, helder en in vól vermogen. Hij voelde ook een grote blokkade waardoor het JA (van Meesterschap) niet geleefd kon worden. En voordat meteen alle aandacht naar de blokkade ging zei ik 'Maar de Tovenaar heeft dus een helder JA?'. 'Ja', zei hij. 'Ja, een heel helder JA, daar staat niets in de weg. Oké, we hebben dus een helder JA én ergens een blokkade. Dat is de situatie. Ze kunnen beiden bestaan. 

Ik vroeg wie die blokkade gaf, zijn innerlijk kind of zijn man? 'Oh .... mijn man', verzuchtte hij. 'Ben je soms moe gestreden', vroeg ik? En daar kwam een man tevoorschijn die zó lang zijn best had gedaan, net een relatie had verbroken en nog meer dingen die een man zeer en zeer moe maken. Zijn man had behoefte aan rust, zijn zwaard en harnas even af te leggen. 'Ga maar liggen', zei ik 'geef je zelf comfort. Geef je innerlijke man wat hij nodig heeft'. Ik legde een dekentje over hem heen.

Ondertussen was er nog steeds een heel helder JA van de tovenaar (jouw hoogste bewustzijn en potentie) waarin de man heel fijn kon rusten. Het maakte het veilig. Zó veilig dat zijn innerlijk kind zich liet zien, zeer bang, want geknakt door misbruik. We nodigden het kind uit veilig in de schoot te gaan liggen. Wat ook lukte. Ontroerend en mooi.

Dan was er nog de professional. Die verveelde zich stierlijk, stond van alles en iedereen afgekeerd zijn best te doen en was eigenlijk woedend. Want, wat heeft een professional nu aan zoiets vaags als een tovenaar en een man die alleen maar wil rusten? Moe is. Niets doet. Wat bleek was dat de professional zónder verbinding met de essentie van de man aan het werk was. Al heel erg lang. Alle ballen hoog houden. Enorme verantwoordelijkheid.

We nodigden hem uit. Heel kwetsbaar werd hij. Heel klein. Hij kroop zelfs weg bij het kind. Onzichtbaar wilde hij zijn en het niet meer weten. 'Ooooh', fluisterde ik 'kijk maar eens of het kind holding te space kan doen voor de professional'. Magic. Het kind voelde zich zó veilig dat het de professional met ópen armen ontving. Zoals alleen kinderen dat in alle onschuld en pure liefde kunnen doen. 

Heel langzaam kwam de hele situatie (en mijn client) tot rust. Steeds weer was er het JA van de tovenaar, de man die rust, het kind dat zich veilig voelt en de professional die zich kon verbinden. 

Balans.Vanuit deze eenheid ontstond rust. Vanuit rust inzicht. Vanuit inzicht zin om te ondernemen. 

En er ontstond zelfs ruimte om het feminiene element te ontvangen. Want dát deel hadden we nog niet ontmoet. De Priesteres, de vrouw, het meisje. In deze sessie smolt uiteindelijk alles samen waarin álle elementen afzonderlijk zijn en worden geëerd.Ieder met een geheel eigen behoefte en dynamiek.



Eenheid in verscheidenheid


En zo zie je dat je elementen die totaal verschillend zijn tóch samen kunnen werken. Door alle elementen afzonderlijk te erkennen én de behoefte te detecteren. Wat heeft mijn zus nodig om te groeien? Wat het 'vrij' bedrijf? En wat de mensen uit Polen die hier zijn? En bij mijn client. Als we deze verschillende aspecten niet hadden geëerd was de man in kwestie nu vast nog steeds op zoek naar de blokkade waarom hij het helder JA van zijn tovenaar niet kon leven. Had hij zich schuldig gevoeld dat het niet lukte..... Nu vervolgde hij opgewekt en blij en met zeer veel ondernemingslust én rust, zijn weg.

Congruent Leiderschap gaat hier over. In alle lagen van de werkelijkheid congruent handelen. In het licht van de hoogste ambitie, een vrij mens, een mooie wereld, erkenning geven aan alles dat er is. Behoeften detecteren én hier invulling aan geven. Zo ontstaat eenheid én leiderschap dat werkelijk bij draagt.Aan de ontwikkeling van mensen én aan de wereld die we graag voor ons zien.


Strategie en energetisch werk


Ik heb jullie graag een kijkje gegeven in mijn werk- en zienswijze. Over hoe je dit kunt toepassen binnen bedrijven, concrete casuïstiek én in jouw persoonlijk leiderschap. Een mooie combinatie van Strategie én Energetisch. 

Powerplay. Power to Play with. Met jouw eigen kracht en het krachtenveld om je heen. Neem contact met me op als je een traject bij me wilt volgen of me in wilt vliegen in een ingewikkelde situatie die opheldering en flow behoeft. 

Wens je een heerlijke dag, met aandacht voor álle facetten van de werkelijkheid. En een prachtige balans. Wat een vrijheid!

Met groet, Noor



kijk voor meer informatie over mijn werk op powerplay.academy of lilithontwaakt.nl
Illustraties: Into the Wild Algarve en Praia de Odeceixe

mail me! licht [apenstaart] noorbongers [punt] nl 

vrijdag 15 november 2019

Harm en het Ongelofelijk Saaie Feest


We zaten allemaal bij elkaar. Het was bij Oma.
Ze had net een nieuwe flat. Daarvoor woonde ze in ene heel groot huis.
Met een enorme tuin! En een enorme rode kater. Harm.

Iedereen dacht dat Harm het niet zou redden op de flat.
Maar het ging prima. Hij was gewoon hele graag bij Oma.
's nachts moest hij wel in een eigen kamer.

Dat lukte niet meer zo goed.
Waardoor Oma met haar stok en zeer krakkemikkig
Harm onder haar dagbed uit probeerde te slaan op weg naar de kamer.

Iedereen was overigens een beetje bang voor Harm.
Hij kon zomaar uithalen maar ging wél soms gewoon op schoot zitten.
'Help! Mammie! Harm komt op schoot'. 'Doe maar rustig aan, hij gaat vanzelf weer weg'.

Voor Oma was hij altijd superlief.
Hij ging boven op haar liggen met zijn neus in haar sigarettenrook.
En hij trok nóóit zijn nagels uit als hij poeslief deed. Dat deed hij alleen bij anderen.

Maar niet bij haar.
We zaten bij elkaar.

En mijn tante vertelde over een ongelofelijk saai feest. Iedereen zat in een kring en zei niets.
Het was zó saai dat ze op een gegeven moment een kinderfeestfluitje uit haar tas haalde.
Zo eentje die uitrolt als je er op blaast. Echt feest.

Ze had er op geblazen.

Ze deed dat voor aan ons. Hoe ze dat had gedaan.
En Harm hoorde dat ook! Harm hoorde dat ook!
En hij vluchtte als door een bei gestoken naar zijn kamer!

Sindsdien heeft mijn Oma altijd op het fluitje geblazen.
In de avond, als Harm naar zijn kamer moest
en zij ook ging slapen.

*

Plaatje komt van internet, helaas geen foto van Harm, maar ongeveer zo'n woeste uitstraling.
Gedicht is geïnspireerd op 'West Europa' van Hans van Willigenburg.

*

West Europa

Vergeleken bij andere plekken in de wereld is het hier best goed geregeld.

Dat is wat mensen op een vreugdeloos feest als troost tegen elkaar zeggen.
Dat het hier best goed geregeld is.
Dat we onze handjes mogen dichtknijpen.

Ik kan daar niets tegen in brengen.

Het enige dat ik er tegen in kan brengen is het gevoelsmatig nogal grote aantal vreugdeloze feesten. Het aantal feesten als deze waarop mensen tegen elkaar zeggen dat het hier best goed geregeld is.

Er zijn geen betrouwbare statistieken over vreugdeloze feesten.
En de chips en het bier smaken zo verbijsterend lekker.
Maken sprakeloos.

De magen doen hier het werk.

vrijdag 20 september 2019

Het wonderlijk weerzien


Heb je me gezien op zee?
Ik heb zoveel aan je gedacht.

Het licht, papa, hoe zou jij het noemen?
‘realiteit.’

Het licht papa, dat heb jij toch ook altijd gezien?
Op zee, de wadden, het andere licht,

De schepping in volle weerschijn,
En wij, die hier mee om moesten gaan.

Boeien zoeken om niet ten onder te gaan.
De omweg naar Vlieland, terwijl je het al zag.

Toch nog langs onzichtbare ondiepten,
Met een klipper geen gevaar meer.
Voor ons wel. Als scherp jacht.

Nu het andere perspectief eens gezien.
Vanuit de bruine vloot, hoe je uit moet wijken,
Want zij zijn beroeps,
Maar zonder het gevaar,

Want vastlopen, en droogvallen,
Is voor hen een plezier.

Wat ben je gegroeid!
Wat een onmogelijk plezier, te genieten,
Van jou aan mijn zijde hier!

Terwijl ik altijd aan jouw zijde was,
Aan de zee, de grote plas.
Samen, de verte in, tot aan het einde,

En daar weer voorbij.
Ik mis je.


*

2009, geschreven voor mijn vader twee jaar na zijn dood.

*

Mede naar aanleidng van het gedicht van Hans Andreus:

*

Of hoe dat heet
Gelukkig dat
het licht bestaat

en dat het met
me doet en praat
en dat ik weet

dat ik er vandaan
kom, van het licht
of hoe dat heet.

zondag 10 maart 2019

De wind in de zeilen en soms opeens uit de vaart ...

Ik was opeens bij mijn diepste angst. Iets dat ik ook echt had meegemaakt op aarde. Mijn vader had een inschattingsfout gemaakt midden op zee met onze zeilboot. Hij maakte nooit inschattingsfouten. Hij zeilde al vanaf zijn vroege jaren. Ook op zee.

Wij, als gezin, waren zeewaardig, ook al toen ik nog heel en heel klein was. Bijna geboren op zee. Fantastische herinneringen en ik zie het als mijn thuis. Je overgeven aan de elementen. Met een sterke en zeewaardige schipper natuurlijk. Anders moet je niet op zee zijn.

Toch maakte hij eens een fout. Midden op zee. Het was niet eens slecht weer. Het was zonnig. Niemand te zien. Alleen horizon aan alle kanten. En opeens een mammoettanker. Uit het niets. Papa zei, we kunnen er wel voorlangs. Maar dat was eigenlijk niet zo.

Hij draaide ook niet om, maar draaide de motor wat bij. Ik weet nog dat mijn moeder gilde. Theo! Theo! En ik weet dat mijn zusje en ik op de grond van de kuip doken met onze handen voor onze ogen. Weggekropen op de grond. Daar waar je de motor het beste hoort. Die loeide.

Dat grote schip ook. Die blies de hoorn als laatste groet. Dat doen die schepen blijkbaar, als ze het zeilschip niet meer kunnen zien en vrijwel zeker over varen .... niet kunnen stoppen, niet kunnen wijken. Mammoet. Heet niet voor niets zo. De zon scheen. Ik zag dat schip, niet te overzien.

En opeens waren we er voorbij. Opgelucht. Onwennig. Huh? Maar we gingen toch dood? Al durfde niemand dat natuurlijk te zeggen, dat we dat allemaal hadden gevoeld. Mijn vader slikte zijn emoties weg en zei, zó dat hebben we mooi gedaan! Wij zwaaiden naar dat grote schip, dat we het hadden gehaald.

*

Deze week was ik op de Ank. De watersportvereniging van vroeger. De aanleiding was verdrietig. Het wegvallen van een prachtige stoere zeiler die er altijd overal was, Martijn Menschaar. Hij zeilde op de Eendracht, hij zeilde met ons, ik kende hem al mijn hele leven.

Maar wie had kunnen denken wat voor een warm welkom het was. Tussen papa's oude vrienden. Temidden van het afscheid en dat grote verdriet, genoten wij tóch ons weerzien. Memoreerden. 'Wij kennen Noortje nog toen ze een klein deernke was'. Ja. Zij kennen mij al mijn hele leven.

'Zo mooi gebloeid en dat zonder wortels!' zei iemand. En dat raakte me zeer. Wánt die wortels, dat was ook een zeer vroege echtscheiding met ruzie en echt veel scheiding. Terwijl er toch zoveel liefde was. En altijd is gebleven, zo hoorde ik nu van de vrienden van mijn vader.

*

We gingen ook nog even naar de Marino. Ons schip, dat al heel veel jaren van iemand anders is, maar daar nog steeds ligt in de winterberging. De loods die nog steeds hetzelfde ruikt. We liepen er heen, de Marino, naar Marieke en Noor. Een schip op de kant is machtig en weerloos.

Ik liep naar het onderschip en raakte te schroef aan. Ik boog mijn hoofd en voelde het schip. Voelde. En barste in tranen uit. Wauw. Ja, zei de vriend van mijn vader, ja.... zie je. Hoeveel tijd heb je hier wel niet op doorgebracht Noor? Ja .... zei ik, mijn hele jeugd, hij heeft mij altijd gedragen.....

Alle stormen zag ik. Alle prachtige momenten. De veiligheid met mijn vader. Mijn vertrouwen in hem en in de zee. Alle reizen. De zeilen ..... en mijn angst voor het water. Een hele diepe angst heb ik (ik heb pas vorig jaar echt durven zwemmen tijdens het zeilen!) en nooit mijn Diploma B gehaald.

Water is eng.
Zeg ik als zeiler.
Vrienden zijn veilig en vaders ook. Zeker de mijne. Op zee.



Pas thuis kwam opeens die herinnering. Ik lag in mijn grote bed, een zee op zich, ook zo mooi en zwevend. En opeens kwam die herinnering en daarmee de angst. Te sterven midden op zee, overvaren te worden. Mijn lichaam schoot in dezelfde houding. Ik denk dat ik toen 4 was.

Ik wist niet goed wat te doen. Met deze herinnering. Met deze angst. Steeds weer dook het beeld van dat grote schip op en mijn vader die de motor nog wat bijzette. Ook geen keuze meer had. Omdraaien was ook geen optie meer. Door. Doorgaan. Paniek, blinde angst. Wit.

Ik merkte aan mijn lichaam dat dit een reflex is op angst. Inéen duiken, wachten tot het over gaat. Freeze! Als het goed gaat word je daarna weer gedragen door de golven.

Maar het beeld keerde een aantal dagen terug en en werd een nachtmerrie. Ik schrok steeds weer en mijn lichaam kromp ineen. What to do? Ik overwoog even MDR (want zoiets kun je toch gewoon wegpoetsen?!) maar besloot er doorheen te gaan. Dwars door de angst heen.

Te vertrouwen
Op papa en zijn inschattingsvermogen
Op het universum en dat áls we daar waren ondergegaan dat de bedoeling was geweest.

Dat ik dan was opgenomen in de zee, met de walvissen (mij zo dierbaar). Dat ik in dat zweven mijn vader en zusje en moeder had ontmoet. Dat dát ook een bijzonder einde was geweest. Vrede. Een begin van een nieuw begin, het sterven, het overgaan naar een andere wereld. Dat dát het moment zou zijn geweest. En, omdat dat níet was gebeurd, het niet de bedoeling was geweest. Dat ik mag vertrouwen op het lot. Op het moment. 

Ik voelde de oneindigheid van de zee. Ik verbond mij daarna met de wateren in mijn eigen lichaam, in mijn cellen, en probeerde daar deze overgave te voelen. De stroming en de getijden. Vertrouwen in het juiste moment. Vertrouwen in elkaar. Als je sterft dan sterf je. 

Ik omarmde het helemaal. En eindelijk ...... eindelijk kon ik er in ontspannen.
Ik voelde mijn lichaam tot rust komen. Het angstige beeld werd zacht. 

De primaire schrikreactie op angst nam af. Ik durfde verder te kijken. Voorbij dat beeld. Los te laten en te vertrouwen op God (of hoe je haar ook wilt noemen, the divine ; )) dat ons altijd brengt op de plekken waar we wezen moeten.

*

Zo was ik donderdag op de begrafenis van Martijn.
Om hem te eren, om er namens mijn vader te zijn en hém daarmee ook eer te doen.
Wie had kunnen denken dat ik zó werd geëerd als dochter van mijn vader. 

En dat dit zó welkom en veilig was, dat ik mijn diepste angst onder ogen heb kunnen zien.
En kunnen bevrijden.

Dankjewel.




Opgedragen aan Martijn Menschaar : Amsterdam 9 april 1948 * Dubai 23 februari 2019


woensdag 16 januari 2019

zaterdag 12 januari 2019

De Dans met de As




Opeens wilde ik het, vasten.
Na het uitstrooien van mijn moeders as.
Een reset van mijn lichaam nu zij er niet meer is.

Te leven zonder ouders, het stof waar ik van ben gemaakt.
Waait nu over de aarde, vruchtbaar. Stormachtig.
Mijn vader in het water en mijn moeder op het land.

Bij mijn vader wilde ik er in zwemmen.
Bij mijn moeder wilde ik met mijn handen in de aarde.
Voelen. er IN zijn.

Weer helemaal éen zijn met de materie waarvan ik ben gemaakt.
Die mij heeft gevormd. Lichaam en geest.
Tot stof wedergekeerd.

Bij papa was dat ook al zo. Midden op zee zei mijn tante
'dan nemen jullie gewoon een handje', 'een handje?'
Mijn zus en ik keken haar ontstelt aan.

Ja, zei ze. Een handje.
En zo gooiden we papa handje voor handje weg.
maar eigenlijk is dat te veel, zeker met wind. Dus je staat te strooien.

Alles aan boord. Alles waaide op ons. Grapje van papa.
Putsen en proesten. Heel veel lol.
Wijn.

Bij mama was het ook zo. Het stormde. Het was haar verjaardag.
We waren achter haar ouderlijk huis. Van vroeger.
Waar het zo fijn was geweest.

Ik wilde woelen. Met mijn handen, door de as.
Onder mijn nagels. Ook iets meegenomen in een kleine geode.
En haar daarna uitgezwaaid. Heel vrij.

De dag erna wilde ik vasten. Niets eten. Thee en water.
Ik wilde drie dagen maar werd duizelig.
Weer gaan eten. Voel me anders.

Reset.

Nu zij zijn weggewaaid en ik zelf op de aarde sta.
Met hen, dichterbij mij dan ooit. In liefde.
En ook mijn zusje heel nabij.

Wat een rijkdom