Posts tonen met het label politiek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label politiek. Alle posts tonen

donderdag 14 mei 2020

De onzichtbare vijand die van iedereen een verdachte maakt


1. 
'OH, jij hebt nog géen mening!' zei hij twee dagen na de aanslagen op 9/11. De wereld was in rep en roer en ik had inderdaad geen mening. Wél wist ik dat iemand een Meesterzet had gedaan die de wereld voorgoed had veranderd. 

De wereld werd daarna overspoeld door veiligheidsmaatregelen tegen terrorisme. Onschuldige mensen werden opeens állemaal verdacht een terrorist te zijn en moesten zich bewijzen het niet te zijn. Iedereen liep door poortjes, werd gefouilleerd, was verdacht. Het trok alle financiën. 

Er werden borden geplaatst in Rotterdam ‘wij waken met camera’s over uw veiligheid’. Ohja, dacht ik toen, is dat zo? Is dit veiligheid? Er ontstond een diepe angst in de samenleving met verstrekkende gevolgen. Het polariseerde bevolkingsgroepen.  

Het lijkt op nu. We vechten tegen een onzichtbare vijand, er zijn verregaande maatregelen, waar gezónde mensen zich aan moeten houden. Waarin de overheid opeens intimiteit kan beboeten (!), en straks met de noodwet je huis binnen mag komen, je gangen mag nagaan etc. etc. etc. 

Een samenleving waarin ieder gezond mens verdacht is. En zich voortdurend moet indekken en bewijzen. Die schúldig is als hij een ander mens aanraakt.    


Bestuurlijke integriteit  

De overheid regeert met repressie, normen en (eenzijdige) berichtgeving. Waarvan je je inmiddels kunt afvragen of dit juist is en berust op een integere grondslag waarin de vitaliteit van onze samenleving wordt gediend.  

Wat ik zie is dat in de maatregelen van de regering angst zegeviert. Zij komen voort uit angst (voor de onzichtbare vijand) en vergroten angst. Mensen worden wantrouwend naar elkaar.  

Ouders worden van kinderen gescheiden. Bij gescheiden ouders betekent dit dat één van de (gezonde) ouders zijn of haar kind niet mag áánraken. Wie weet voor hoe lang. Het kind toegang ontzeggen tot een van de ouders wordt, in echtscheidingen, inmiddels als mishandeling beschouwd. En hoeveel samengestelde gezinnen zijn er inmiddels?  

Oude mensen worden alleen gelaten in hun nadagen. Raken hun zelfbeschikking kwijt of ze wel of geen bezoek willen ontvangen. Sterven zonder nabijheid en een zachte omarming. Terwijl die laatste fase zo ongelofelijk mooi en belangrijk is. 

De overheid doet dat onder het mom van ‘zorgen voor onze volksgezondheid’. 

Maar is zorgen voor onze Volksgezondheid niet ook het zorgen voor een samenleving waarin vitaliteit ontstaat? Waarin mensen sterk zijn en weerbaar, elkaar beminnen en begroeten en in diversiteit omarmen? Waarin mensen samen-leven.  


De JA beweging

Sinds 2002 (de dood van Pim Fortuyn) heb ik mij afgewend van de politieke arena (waar verschillende mensen mij van kennen ;-)) en richt ik me uitsluitend op waardecreatie. Ook in bestuurlijke context, dwars door politieke voorkeuren heen. 

De JA beweging. Versterken wat goed gaat. Vitaliteit opzoeken en bekrachtigen. Dat werkt.  In mijn Great Place To Live edities (2005-2010) kun je er van alles over lezen. In de projecten erna (Nieuwe Oude Dag, Gezonde Wijk, Bank van Waarde) hebben we alles in praktijk gebracht.  

Ook mijn energetisch werk is hierop gericht: Wat is de bron van vitaliteit? Hoe versterk je dit en laat je lós wat niet dienend is. Dát is leiderschap.  

Ik heb daarin prachtige resultaten gezien. Die verschillen overbruggen. Juist omdat het de essentie weerspiegelt. Waarde creëert. Mensen willen dat ook graag, het geeft veel veerkracht en plezier. Met klinkende resultaten.


De weerbarstige werkelijkheid  

Het beleid van de overheid laat helaas  iets anders zien. Daarin wordt juist alles geïnstitutionaliseerd en moet voldoen aan een bepaalde norm. Norm. Waar aan je moet voldoen, maar die meestal geen ruimte geeft om jezelf te zijn.  

En authenticiteit, dat is nu nét wat mensen, projecten én een land een ziel geeft. 

De norm wordt nu 1,5 meter. Ik had me nooit kunnen voorstellen dat ik in een situatie zou komen waarin de overheid mij verbiedt een ander mens te knuffelen en zich daar nog op laat voorstaan ook. Desnoods de wet aanpast.  

De onzichtbare vijand. Waarin mensen elkaar inmiddels aanspreken ‘Jij mag niet gaan zeilen, want als er iets gebeurt, dan pak je een bed van de IC. Dus je bent asociaal als je dat doet’. We spreken over gezónde mensen.  

Hebben we óóit gezegd tegen mensen die teveel roken, drinken, suiker eten óf gevaarlijke sporten beoefenen: ‘Dat mag niet. Als jij iets krijgt, pak je een bed van de IC en dat is asociaal’. Want er is niet genoeg zorg capaciteit'. Zoals er nu wordt gezegd: ‘Mensen die tóch knuffelen, mogen geen bed op de IC als ze Corona krijgen’. What happenend?  

We kunnen dit beleid gaan bediscussiëren, over de waarheid van feiten twisten en er telkens een ander perspectief tegen-over zetten. Maar daar doel ik niet op.  

Ik vraag me wel af, wat staat hier vanuit de overheid tegenover?  Tegenover deze verregaande repressie en controle.  



En de creatie van de wereld die wij wensen 

Waar wordt geïnvesteerd in vertrouwen, in vrede en een liefdevolle samenleving? Waar leer je in deze warboel je integriteit hoog te houden? Waar leer je op te staan voor deze waarden en vorm te geven aan het leven en onze samenleving?  

Burgerparticipatie. De inclusieve samenleving. Zelf verantwoordelijkheid nemen.Samen-Doen. Daar waar de overheid haar mond van vol heeft.  

Waar leer je op deze niveaus leiderschap te ontwikkelen? Waarin je jouw (professionele) leven vorm geeft. Met impact op onze samenleving. Wíj geven dit toch vorm? Samen. 

Waar investeert onze overheid in deze beweging?En ... waar investeren wij zélf in deze beweging. 

Iedere stap is de eerste. Iedere stap geeft vorm. Iedere stap kan ons menselijk bewustzijn en waardigheid vergroten óf verkleinen. Iedere stap kan de ruimte voor liefde vergroten of versmallen.  

Wees je bewust van jouw cirkel van invloed. 

De resonantie van wat je doet, ieder woord dat je spreekt. De intentie waarmee je onderneemt.  

Maakt het verschil. 




Dit artikel is gepubliceerd in Signs of Time * mei 2020 de nieuwsbrief van Noor Bongers 

1. Esther Kokmeijer op reis  


maandag 9 oktober 2017

Horen, zien en ...... voelen (of zwijgen)

 
De kracht van een oprechte handdruk en écht even voelen hoe het met iemand gaat.
De kracht om er tóch iets van te zeggen, waar anderen het voorbij zouden laten gaan.
De kracht om een opening te bieden door te luisteren. Zonder oordeel.

Waarin ontmoet je elkaar? Echt.
Echt, met alle rauwe randjes, in daar waar het even niet goed gaat,
of wat je niet graag laat zien. Wie ziet dan je zachtheid, je roep om genegenheid?

Wie wil er naar je luisteren als je het niet zo goed weet en je overgeslagen voelt?
Wie vraagt dan eigenlijk door, dwars door jouw harde oordeel heen?
Wie luistert en brengt de schoonheid naar voren? In ieder mens.

Ik las een artikel over David van Reybrouck dat me zeer raakte. Over het verval van onze democratie. En het maakt zelfs dat ik nu de pen pak en schrijf, ook al had ik gezworen me nooit meer met politiek te zullen bemoeien. Het raakt me. En het raakt aan iets dat ik al vanaf ca 2000 signaleer en waarin ik mij een roepende in de woestijn voelde (toen ik bestuurder was van Stadspartij Rotterdam).

Het raakt me, dat zo veel mensen ongehoord zijn gebleven en het ongenoegen inmiddels zo groot is dat er een goede voedingsbodem is voor fascisme, mensen buitensluiten en het regeren van angst. Het is zo makkelijk om mensen die 'niet gehoord worden' te mobiliseren met angst en ongenoegen, en dan 'kom op voor je recht' te zeggen en je fietst er zo wat fascisme naar binnen.

En voor dat je het weet, roept iedereen 'grenzen dicht!' terwijl het issue eigenlijk is 'ik kan mijn buurvrouw niet verstaan, het is niet mogelijk om contact te maken met haar, al mijn vriendinnen op de galerij zijn al overleden, ik heb haar man er op aan gesproken haar Nederlands te leren, maar ja....', dit is wat ik ontdekte toen ik sprak met een dame op leeftijd op een koud en tochtig busstation in Rotterdam Zuid. Ze voelde zich niet gezien, niet gehoord. Ze zegt 'buitenlanders weg' maar ze bedoelt eigenlijk iets anders ...... als je doorvraagt. Maar wie doet dat? En juist hier ontstaat de onvrede en de voedingsbodem voor fascisme waar van Reybrouck het over heeft.

Het antwoord is aandacht. Werkelijk luisteren. Dit brengt áltijd respect. Er zijn zoveel voorbeelden. De Dag van de Dialoog brengt empathie in Nederland, het brengt mensen samen zonder oordelen en doet dit zorgvuldig. Maar ook het rechtssysteem van de Aboriginals die daders en slachtoffers bij elkaar brengen en face to face de pijn zichtbaar te maken. Door te luisteren, door écht te doorvoelen. Diversiteit in praktijk te brengen, in al haar aspecten. In contact.

Niet door te zwijgen. Of zelfs ...... te zwijgen met de woorden 'ik hoor wat je zegt, ik zie je', woorden die erg bón ton zijn in wat meer spirituele of bewustzijnsmanagementkringen, maar vaak ook een leegheid verbloemen waarin de ander zich juist níet gezien voelt, zijn woorden níet raakten maar werden gepareerd met de woorden 'ik zie je', om het gesprek daarna af te sluiten.

Of te zwijgen en plain publique en je daarna op internet uit te laten. Of te zwijgen over wat er werkelijk speelt (de behoefte aan contact) en je dagen te vullen met twisten over begrotingen, symptomen en tekorten. Ook een vorm van zwijgen over dat wat waarde heeft én geeft.


In mijn leiderschapscursus zit een opdracht: kijk om je heen en vertel me wat je ziet. Het is de voorbereiding op de cursus Signs of Time. Een cursist belde vertwijfeld op: 'Ik kom er niet uit! Ik wil het zo graag klein maken, maar ik zie zooooooooooooooooveel!'. Ja. Zo. Veel. En het kán zelfs zijn dat je door een berg verdriet en pijn heen wandelt als je je vizier hiervoor opent en écht kijkt.

Om dat diepe verdriet (van een onthechte samenleving) niet te voelen, stoppen mensen met kijken. Het is gemakkelijker om onze supersensoren (mind you!) wat te dempen (met facebook, de meningen van anderen, met bezit, met sex met ..... zoveel gave dingen! ; )) en in een soort roze filterbubble door de wereld te lopen 'Ja, maar ík doe het toch goed'. Ja. Jij doet het goed.

En jij, leeft altijd in verbinding met anderen.
Samen geven we vrijheid vorm.

Professor E.J. Beker vertelde mij dit, toen ik afstudeerde met 'Vrijheid in Organisaties': 'het is nooit een Sahara vrijheid Noor, je staat niet in je éentje in de Sahara vrij te zijn. Je bent altijd vrij in relatie tot andere mensen, vrijheid in verbondenheid'. En juist deze vorm van vrijheid is zo interessant én zo kwetsbaar én zo moeilijk vorm te geven én ....... zo makkelijk te vermijden.

Immers zijn de populisten ermee weg gekomen om onder het mom van 'vrijheid van meningsuiting' van álles te kunnen doen. Ook al wéet je van te voren dat dat zeer kwetsend is voor bepaalde groepen mensen. Dat is móedwillig kwetsen en deze samenleving vraagt daarin om een 'schokvrij individu'. Dit begrip hoorde ik voor het eerst op de Nacht van de Filosofie in Felix Meritis in 2008 uitgesproken door Rudi Visker

Een 'schokvrij individu', die in de publieke ruimte nooit meer mag laten zien dat iets hem raakt, want dat is de 'vrijheid van meningsuiting van iemand anders' en dat mag in Nederland en dat moet je je laten welgevallen. Kwetsend of niet. 'Kopvoddentax ......' mijn hemel, wie heeft het ooit goedgevonden om dat woord te blijven gebruiken??! (op basis van goed fatsoen zou ik het al niet eens willen uitspreken). Enfin, een schokvrij individu dus.

Die zich THUIS en op het INTERNET, in de grote vrije wereld waarin álle meningen anoniem welig tieren, dáár, daar komt de schok tot uitdrukking, want wij zíjn natuurlijk geen schokvrij individu. Why should we? We're humans! Dus op het grote internet laten mensen, die zich niet gehoord en gezien voelen, hun mening zegevieren. Vaak ongenuanceerd want ja hé, dat is míjn vrijheid van meningsuiting. En zo is dat hele begrip vrijheid gedegradeerd tot een laffe vorm van Sahara-vrijheid, terwijl we toch in verbinding leven met elkaar.

Want ik zie jou.
En jij ziet mij.

En ik hoop dat mij dat raakt.



Noot: het artikel zoals genoemd is geschreven door

donderdag 24 november 2016

De mannen aan zee




Ik loop naar het havenhoofd. Het regent en het is koud. 
Toch wil ik daarheen. Midden op zee.
 

Voel me sterk. Voel me kwetsbaar.

Ik kom tot rust zodra ik de pier op wandel. Hoor de zee en kalmte daalt op mij neer. 

Genoeg te doen, maar nu even niet, goed om alles te voelen.

Als er wordt geschud aan mijn fundament. En mijn heilig been is rechtgezet. 

Oude pijn en woedend verdriet als iets van vroeger.

Ik loop de vissers tegemoet. Met stoere pakken, wind en waterdicht. 

Achter het rode sein is het uit de wind. Het staat er vol met bakjes met pieren.

'Ik kom even uit de wind staan hoor!' zeg ik. 'Je doet maar' zegt de visser.

Hij maakt een plekje vrij 'hier, kun je zitten'. 

Ik ben verrast maar zie natuurlijk iets viezigs en wijs 'dat is vies! Daar kan ik niet zitten'. 
'Het is Waáter!' roept hij, maar ik zie wat onduidelijke stukjes pier'.

Verontwaardiging alom. 'Dan blijf je toch staan!' maar ik heb gelukkig een doek bij me (van de behandeling bij meneer de Haas) 'kijk! Zeg ik 'kijk eens wat ik heb!' en voeg er nog aan toe 'ik heb mijn zakenkleding aan, die mag niet vies worden'. 'Dat dachten we al, die heeft een veels te hoge baan, veel te belangrijk voor ons'.

Nu ben ik verontwaardigd en ga zitten. Kletsen.

Wat voor werk ik doe. Over de samenleving mooi maken. Over door Nederland reizen. Een andere man werkt niet. Pijpfitter met zijn hand in het verband. Hij had met zijn hand tegen een betonnen muur aangeslagen biechtte hij op. 'Ik ben echt niet trots of zo' zei hij. Maar ik wel, dat hij dat zei en glimlachte. 'Tegen een betonnen muur'. 'Ja, tegen een betonnen muur'.

Maar hij kon nu wel lekker vissen zei de ander. Ik vroeg of hij gisteren zo had genoten van de rode zonsondergang, maar hij zei geen interesse meer te hebben in zonsondergangen, dat hij alleen nog maar viste op woensdag.

Of ik vrij was.
Nee, ik ging zo iets verzinnen.
Had gisteren een afspraak hier, bleef logeren en wilde nu naar zee.

'En je man maar wachten thuis'
'Ik heb geen man'
Het viel stil en ik keek hem glimlachend aan, 'Nee, echt niet', zijn ogen glinsterden 

'Je bent veel te hoog opgeleid, ze motten je niet!' We lachten. 'Ze willen jonge meisjes zei ik, die gewoon luisteren'.

'Hahaha!' zei de man. 'Wat moet ík nou met een jong meisje! Ik heb de mijne er 30 jaar geleden uitgeschopt en nu mag er alleen nog een héle goede komen. Een hele goede', 'de beste' zei ik. Ja, de beste.

De mannen visten.
Ik keek om mij heen.
En ik kreeg ook nog een vis.

Van de jongen met zijn hand in het gips. Hij stond opeens voor me, een sliptong in zijn goede hand 'hier, mag je meenemen, voor thuis' ... ik keek super verbaasd op 'oh!! Dat vind ik super lief van je maar ik moet nog helemaal naar Arnhem met de trein en ik heb werkelijk geen idee hoe ik dat mee moet nemen'.

Hij gooide de vis terug in het bakje. De andere man vond het maar raar 'geeft ie zomaar een vís weg'

Het leven aan zee.

maandag 29 augustus 2011

Op naar het presidentschap!




Al sinds de eerste jaren van mijn studie roepen mensen regelmatig uit: 'Noor for president!'. 'Ha ha ha', lach ik het altijd weg. Maar stiekem ben ik wel trots natuurlijk, een heerlijk blijk van vertrouwen spreekt hieruit. En, dát het presidentschap ook heel leuk kan zijn, omgeven met plezier.

En stel je eens voor, dát het presidentschap plezier geeft. Omdat je waarde kunt creëren en iedereen hiertoe kan uitnodigen en oproepen. Nee, sterker nóg, dit als nórm maken voor het hele land. Maar, waardecreatie verplicht stellen, is dat niet een contradictio in terminis?

Al sinds mijn peutertijd wordt mij verweten (mijn moeder was de eerste) enige dictatoriale trekjes te hebben. Stampvoetend een programma maken voor mijn derde verjaardag was het begin. Als ik iets in mijn hoofd heb, heb ik ideeën over de grote strategie tot de kleinste details, tot over de motivatie van mensen om mee te doen.

Langzaam heb ik wel ondervonden dat je waardecreatie niet verplicht kan stellen. Ook al zie je wat goed is, béter is het als mensen het zelf ondervinden en ervaren. Dan nog, zou ik dus een regisseur zijn van ervaringen die leiden tot waardecreatie. Dát is een rol die mij past. In de veronderstelling dat uiteindelijk iedereen voor kwaliteit kiest . . . ; )

Want, ik weet het niet altijd zeker. Ik kies een weg die past bij de basisprincipes van wat ik belangrijk vind. Dat ik hierin stellig kan zijn, dát klopt. Lange tijd voelde ik mij een roepende in de woestijn (lees ook Het kleine meisje liep door de wereld op deze site. Nu is het gelukkig normaal om over waardecreatie te spreken en daarmee kan ik een stuk van mijn stelligheid laten varen.

Ik richt mij op het creëren van bijzondere ervaringen die leiden tót waardecreatie. Door in co-creatie een vraagstuk te belichten en daarbij álle perspectieven mee te nemen. Hoe kunnen de stakeholders groeien in dit proces, wat is hún hoogste ambitie en hoe kunnen wij hier samen aan bijdragen. Lijken deze ambities niet ergens op elkaar?

Je hoeft niet stellig te zijn om de juiste vragen te kunnen stellen. En deze vragen leiden vaak tot meer inzicht en begrip in elkaar, tot een gelijkwaardigheid in samen ondernemen en tot plezier om bij te dragen aan het mooiste resultaat. Een resultaat dat wordt gedragen én waar mensen blij van worden. Idealisme? Integendeel, een heel pragmatische manier van de maatschappij inrichten.

En dan wordt uitnodigen ook voorwaarden scheppend, enkel door de juiste vragen te stellen ; ) En brengen wij Nederland in beweging met een grote groep mensen die deze vragen stellen én daarna DOEN. Samen doen. Dus, als ik één dag president zou zijn, zou ik jullie allemaal invliegen op álle niveaus binnen het politieke domein; om de juiste vragen te stellen en aansluitend met elkaar aan de slag te gaan.

Waardecreatie in maatschappelijke issues zoals de gezondheidszorg, jeugdwerkeloosheid, jongeren en onderwijs etc. Maar ook waarderend onderzoeken, waardoor een onderzoek meteen bijdraagt aan de oplossing ervan. En natuurlijk, waardecreatie op je werk waarin sociale innovatie meer is dan slimmer werken, maar óók te maken heeft met zingeving en samen-werken. Mogelijkheden te over. En binnen ons netwerk genoeg mensen voor wie deze manier van denken en werken een vanzelfsprekendheid is.

En, eigenlijk met maar twee vragen centraal: Wat voor waarde voeg je toe? En, waaraan?
Let's Rock and create the future together.

__

Graag dank ik Joop Hazenberg voor zijn introductie bij de SER. Joop, ik hoop dat jij er Kroonlid wordt, want met een onverwachte wending, breng jij dingen in beweging.

__

Lees ook eens het artikel Het creëren van een Great Place to Live dat is gepubliceerd op Management Issues, láng geleden (2007), over de voorwaarden van waardecreatie ; )

Hieronder het artikel in het SER Magazine, close up van de tekst: